zondag 22 april 2007
De ‘roman’ Leben und Meinungen des Herrn Magisters Sebaldus Nothanker, door Friedrich Nicolai (1733-1811) geschreven, en in 1773-1776 uitgegeven, speelt voor een groot deel op het grondgebied van de Republiek. Het werk is in Nederland is bij dixhuitièmistes helaas nauwelijks bekend. De Berlijnse uitgever Nicolai was in zijn dagen de bekendste propagator van de Verlichting in de Duitse landen. (1)
In Berlijn was het werk snel aan een derde druk toe. Over de opwinding in Duitsland zal ik niets zeggen. Een Nederlandse vertaling, van de hand van de remonstrantse hoogleraar A.A. van der Meersch (2) volgde spoedig, en verscheen 1775-1776 als Het leven en de gevoelens van den eerwaarden heer Sebaldus Nothanker bij Jan Dóll in Amsterdam.
Opdat de lezer een indruk kan krijgen van de wijze waarop in dit boek een schets gegeven wordt van het theologische en wereldbeschouwelijke slagveld in twee landen, geef ik een korte samenvatting, met het accent op de belevenissen van de hoofdfiguur in de Republiek.
De eenvoudige geestelijke Sebaldus Nothanker leeft gelukkig met vrouw en kinderen in zijn standplaats. Hij meent rechtzinnig genoeg te zijn maar verkondigt zijn boeren slechts eenvoudige evangelische waarheden, tot aller tevredenheid. Orthodoxen die uit zijn op zijn standplaats slagen erin hem op beschuldiging van ketterij te verwijderen. Het gezin van Sebaldus wordt van de ene dag op de andere uit hun woning gezet, een leven langs de straat begint. Sebaldus’ vrouw sterft, zijn kinderen verdwijnen. Inderdaad zo kaal als een kerkrat zwerft Sebaldus door Duitsland; zijn enige vriend is de boekhandelaar Hieronymus die contacten heeft in Holland. Op zijn zwerftochten ontmoet hij lieden van allerlei religieuze snit en gezindheid; werkelijk christendom is doorgaans ver te zoeken. Sebaldus volhardt in zijn evangelisch, mogelijk verlicht christendom. Uiteindelijk besluit hij zijn geluk te zoeken in Oost-Indië. Hij neemt daartoe passage op een schip naar Amsterdam.
Hij lijdt schipbreuk bij Egmond.
Sebaldus wordt, meer dood dan levend, vanaf het strand van Egmond door een visser thuisbezorgd bij een lutherse dominee in Alkmaar, een vreedzaam man die een redelijke verstandhouding heeft zelfs met gereformeerden en mennonieten. Een hele opluchting voor Sebaldus, die juist door de luthersen in Duitsland vervolg werd. Is deze tolerante houding dus exemplarisch voor de verhoudingen in de Republiek? Dat zal geenszins het geval blijken.
(1) Over de Nederlandse receptie, en het verbod van Nothanker, iets meer in een komend artikel van A. Hanou, ‘Het Leven van Bonkel (1778-1779): Duits-Nederlandse tegenstellingen worden zichtbaar.’
(2) Voor diens denkbeelden, zie Simon Vuyk, Verlichte verzen en kolommen. Remonstranten in de letterkunde en tijdschriften van de Verlichting 1720-1820. Amsterdam 2000, p. 74-97; De dronken Arminiaanse dominee. Over de schaduwzijde der verlichte Remonstranten. Amsterdam 2002, p. 49-52, 76-82.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten