donderdag 28 februari 2008

Rector terribilis

maandag 14 mei 2007

Na terugkomst van een congres in Berlijn, ontdekte Herkauwer in de NRC van 10 mei 2007 een artikel over het afscheid, dezer dagen, van de Nijmeegse rector magnificus Kees Blom. De kop: ‘We kunnen hard zijn voor onze wetenschappers’.

Over die hardheid zegt hij enkele verstandige dingen. Evenwel berijdt Blom het stokpaard waarop ik hem al jaren, in vele, vele interviews voorbij heb zien suizen: onderwijs, onderwijs, onderwijs.

Nu - het is heel verfrissend als een rector magnificus daar veel aandacht aan besteedt. Evenwel doet hij dat vaak op de jubilante toon van de padvinderleider die constateert dat zijn groep de meeste insignes verzameld heeft. Het onderwijs aan de universiteit van Nijmegen is het beste.

Waarom? Het ligt een beetje aan hem, Blom.

Er is een Honours Program voor de beste studenten (OK, maar dat trekt het gemiddelde niet omhoog);

er worden steeds meer begeleidingsuren door docenten ingelast (geen woord over al die fake-fte’s waarbij men bijvoorbeeld voor 0.4 onderwijstijd heeft terwijl men er daar in feite 0.8 voor nodig heeft. Ditzelfde probleem doet zich trouwens voor bij de berekening van alle soorten fte’s, zodat het de kunst is, uiteindelijk, een docent met 0.7 of 0.8 aan te stellen terwijl die voor 1.3 werk heeft);

er komen steeds meer college-uren om de studenten aan het werk te krijgen en te houden (en dus steeds meer papers en evaluatieformulieren; welke onderwijskundige setjes immer naar de bevredigende begeleiding vragen, naar nooit naar het werkelijke resultaat van het onderwijs);

enzovoorts enzovoorts.

Herkauwer sprak op zijn Berlijns congres geheel toevallig een Nijmeegse docente die recent een onderwijsprijs ontvangen heeft en uitgenodigd was op een onderwijsdag. Aldaar was natuurlijk de rector magnificus die wederom zijn stokpaard bereed en hoog opgaf van wat u al bekend is. Toen genoemde docente enige realistische opmerkingen maakte over de belasting van de docentuur, meende de rector

a) de spreekster te mogen verbinden met de universiteit-Utrecht (hij was dus niet erg bekend met zijn eigen briljante onderwijskundigen) en begon verder

b) een tirade over mensen die eigenlijk te lui waren om onderwijs te geven.

Dat laatste is knap vervelend voor mensen die heel hard hun best doen in het onderwijs.

Gezwegen van urenaantallen en wat dies meer zij: het beste is natuurlijk wanneer onderzoek en onderwijs verbonden zijn. Wanneer studenten echt begrijpen hoe goed onderzoek gedaan moet worden. Dat is de kerntaak van de universiteit.

Dat is in wezen iets anders dan bezighouderij.

Dan moet je natuurlijk wel weten wat wetenschap is; en dat er diverse soorten wetenschap bestaan.

Ik heb vele malen Blom meegemaakt als voorzitter bij promoties, inaugurelen enzovoorts. Dat doet hij heel aardig. Alleen - na een paar keer wordt het wat tenenkrommend. Er zijn bij die verdedigingen en speeches echt niet zoveel heel goede betogen. Blom echter deelde zonder uitzondering stralend mede dat hij nu toch wel iets HEEL bijzonders had gehoord, waarvan hij, als simpele bioloog, nooit had kunnen dromen. Hij ging over een en ander nu es een paar dagen nadenken...

Dat is allemaal niet zo erg. Het is meer ongeloofwaardig en soms wat kinderlijk. Hij wekt op die manier wel vaak de indruk dat het bij de Radboud helemaal botertje-tot-de-boom en geheel-en-al joechei! geblazen is.

Het zou beter zijn echt te analyseren waarin en waarom de boel zou kunnen verbeteren. Gedurende zijn bestuur verkondigde een lid van het College van het Bestuur dat de Radboud no 1 moest worden. Ik heb niets tegen dat streven. Ik heb het ondersteund.

Alleen moet je wel weten waar je het over hebt. Iets dergelijks heeft Leiden bijvoorbeeld een paar jaar geroepen, tot het schaamtevol in zijn schulp kroop - en Leiden had niet eens de steun van de H. Radboud, door het Nijmeegse college in de Blomperiode tot patroon gekozen (een onbenulliger intellectueel is absoluut niet denkbaar. Bovendien was die Radboud het soort heilige die zo heilig was dat hij al in de wieg de borst van zijn moeder weigerde).

Om een beetje universiteit te zijn, laat staan nummer één, en om een goede connectie te kunnen krijgen tussen onderwijs en onderzoek, moet je bijvoorbeeld een redelijke universiteitsbibliotheek hebben.

Nu ontbreekt aan de universiteitsbibliotheek van de Radboud van alles op het terrein van de cultuur in heden en verleden. Opmerkingen daarover worden niet ter harte genomen. Het wordt er ook niet beter op. Er zijn geen vakreferenten die de nodige zaken bestellen (ikzelf heb een groot aantal keren belangrijke maar ontbrekende historische studies moeten bestellen, door de historici zelf niet aangeschaft. Ik constateerde nog vandaag dat de nieuwste uitgaven op het gebeid van de historische letterkunde Nederlands in elke UB waren, behalve in die van Nijmegen).

Een collega-geschiedenis vertelde mij eens dat hij dit probleem bij rector Blom aangekaart heeft. Blom reageerde: ‘Wat curieus! Bij ons in de vakbibliotheek biologie hebben we alles wat nodig is!’

De brave man weet dus helemaal niet wat de systematische wetenschappelijke lacunes zijn in zijn universiteitsbibliotheek, het hart van zijn universiteit.

Het kan best zijn dat zijn vakbibliotheek geheel up-to-date is wat betreft de nieuwste literatuur over goudvissen. Maar een beetje rector magnificus, ook al is hij bioloog, zou het soort algemene ontwikkeling moeten hebben dat weet dat de ontwikkeling van zijn eigen vak mogelijk is geworden, dankzij allerlei wereldbeschouwelijke ontwikkelingen in het verleden, waarover nog steeds gedebatteerd wordt. Dat er disciplines zijn die dat bestuderen. Die uitzoeken hoe het zo gekomen is dat de goede rector zijn vak en zijn goudvissenliefde kan uitoefenen. Dat je daar een UB voor nodig hebt.

Het lijkt toch wat onaannemelijk dat de rector zou kunnen denken dat de eerste goudvissen zich reeds bevonden in een kom-met-uitzicht in een paradijsprieel. Tenzij hij te hevig gelooft in zijn Heilige Radboud. En tenzij, in zijn soort onderwijs, hij zijn studenten slechts extastisch wijst op de mooie kleuren van zijn vissen. Maar mogelijk is dat inderdaad goed onderwijs.

Don't know much about history
Don't know much about biology...

Geen opmerkingen: