woensdag 27 februari 2008

Kersteman koloniaal? (1776)

dinsdag 27 maart 2007

In het archief van het Hof van Holland (inv. nr. 330, f. 398-399) kwam ik toevallig een document tegen, betreffende de achttiende-eeuwse romancier, biograaf, pseudohistoricus, Ludemanverzinner, maar hoe dan ook: veelschrijver Franciscus Lievens Kersteman. Aangezien men bij dit heerschap nooit precies weet of wat hij zegt over zichzelf en anderen waarheid bevat, lijkt elke snipper documentatie meegenomen.

Bij het Hof wordt op 6 december 1776 het volgende ingebracht:

‘Is Gelezen eene Missive van zijne Doorluchtige Hoogheid, den Heer Prince Erfstadhouder geschreeven alhier den 4e deeser, dienende ter adres van de aan hoogstdezelve gepraesenteerde Request door Geertruij van der Linden Huisvrouw van Mr. Franciscus Lievens Kerstemans, daar bij versoekende, dat de gemelde haaren man, die Ingevolge ’t Vonnis van Scheepenen van Rotterdam van den 7e Maart 1775 voor den tijd van dertig Jaaren in ’s Heeren Werkhuijs aldaar is geconfineert, en voorts gebannen, moge worden gerelaxeert, en naar een der Colonien verzonden, en op welke Requeste, waarbij gevoegt zijn ’t bericht van den Officier der Stad Rotterdam gelijk ook de Informatien en proceduren in die zaake ingewonnen en gehouden; Hoogstdezelve versoekt de consideratien en Advis van dit Hof.

Waarop zijnde gedelibereert; Is goedgevonden deselve Requeste te stellen met de bijlagen in handen van de Heeren Rijgerbos en van Nispen, ter fine van Examinatie en raport.’

Ik kon niet zo gauw vinden of en wat deze heren geadviseerd hebben, zijnde bezet met andere zaken.

Geen opmerkingen: